29-01-18

BEHEERWANDELING EECKHOUTBOS EN KLEIN EECKHOUT

Tijdens de 'eerste zondag van de maand wandeling' (EZVDMW) van 3 december 2017 bezochten we met de werkgroep het Eeckhoutbos en Klein Eeckhout.

De knoteiken langs de rand van het Eeckhoutbos en de akker zijn mooi uitgeschoten. De bosrand met zeven verschillende inheemse struiksoorten evolueert mooi. Vrijstellen zal wellicht niet meer nodig zijn. We dienen wel de nodige aandacht te besteden aan de oprukkende bramen en de braamstruwelen. Hier zal nog wat werk aan zijn. De knotwilgen langs de rand van het hoger gelegen weiland zijn ook mooi uitgelopen en evolueren goed. We zien het nieuwe bos (natuurlijke verjonging) steeds meer oprukken tussen en door de bramenstruwelen heen. Verder opvolgen is aangewezen.

Tijdens het terreinbezoek aan Klein Eeckhout zagen we dat de poel opnieuw behoorlijk wat water bevat. Dat is een hele opluchting na het droogvallen tijdens de zomer. De waterstand doet het beste verhopen voor de amfibieën die hier tijdens de paddenoverzetactie een tijdelijk onderkomen zullen vinden en waar ze hun eieren kunnen afzetten. De poel zal dienst doen als voortplantingsplaats. De zwarte elzen langs de oever van de Maarkebeek zijn goed gegroeid. De wortels houden de oever stevig bij elkaar. De knotelzen langs de rand met de paardenweide zijn mooi uitgeschoten. Hier en daar mogen de zijtakken op de stam gesnoeid worden. De bosomvorming van populierenbos op een vervallen rabattensysteem naar elzenbroekbos lijkt na zes jaar voltooid. Het resultaat is verbluffend: hoofdzakelijk zwarte els, plaatselijk ook wat wilg en hier en daar een open plek. We zijn benieuwd naar de plantengroei in het voorjaar. Iets om naar uit te kijken!

Op een reeds sterk aangetaste boomstam bemerken we een heel fraai bekermos. Het blijkt kopjesbekermos (Cladonia fimbriata) te zijn. Kenmerken zijn de slanke steel zonder schubjes en vrij bleke bekervormige kop. Ook is de steel duidelijk langer dan de breedte van de beker. We genieten van dit kleine wonder. Zo sloten we het werkjaar af in schoonheid. De uitdrukking 'Dood hout brengt leven in het bos' lijkt hier wel van toepassing!

DSC00560.JPG

DSC00568.JPG

Kopjesbekermos (Cladonia fimbriata)

Foto's: Ludo Bauwens

Hartelijke groeten en tot binnenkort,

Johan 

21:28 Gepost door Johan | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

KERKUIL IN DE LIFT IN MAARKEDAL

Vorig jaar beleefde de kerkuil een waar topjaar in Maarkedal.

In de nestkast in de kerktoren van Nukerke werd op 2 juni een verlaten nest van kauwen aangetroffen. Deze winter werd de nestkast leeggemaakt, uitgekuist en in gereedheid gebracht voor het volgend broedseizoen.

De nestkast in de kerktoren van Maarke is weggehaald wegens verbouwingswerken aan het Marca. Na het beëindigen van de werkzaamheden zal de nestkast teruggeplaatst worden. Van de werklieden vernamen we dat ze enkele kerkuilen gezien hebben. Dit doet het beste verhopen.

In de kerktoren van Etikhove werden op 5 juni drie jonge kerkuilen gezien in de nestkast. Mogelijks waren het er vier, want op 13 juni werden vier jongen van een ring voorzien door een erkend vogelringer.

In Schorisse zagen we op 5 juni vier grote jongen. Bij het benaderen van de nestkast hoorden we ze 'blazen'. De ouderuil vliegt weg. Er bevindt zich nog één ei in de kast. Op 13 juni worden drie gezonde jongen van een ring voorzien. Eén jong heeft het niet gehaald.

JCO_4910.JPG

De geringde kerkuiljongen poseren gewillig - Foto Johan Cosijn 

Maandagavond 7 augustus werden twee jonge kerkuilen geringd in de kerktoren van de geklasseerde Sint-Petruskerk van Kerkem.

Behalve in nestkasten op kerktorens is er sinds vele jaren een succesvol vrij broedsel van kerkuil bekend in een schuur van en boerderij in Schorisse. Hoeveel jongen er precies zijn is moeilijk te bepalen en ringen is onbegonnen werk. Tijdens de controle op 6 juni zagen we de ouderuil wegvliegen.

Tijdens het bezoek van de kerktorens en tijdens het uitkuisen van de nestkasten worden zoveel mogelijk braakballen meegenomen voor onderzoek. De uilen eten de muizen met huid en haar op en spugen de onverteerbare delen gewoon weer uit. Dit zijn de uilenballen of braakbalen. Een braakbal bestaat uit haren, veren, botten en soms een vogelring. Van de botten is de schedel het meest interessant omdat daarmee de soort kan bepaald worden. Het resultaat van dit pluiswerk geeft een goed zicht op welke muizensoorten er voorkomen in de buurt van de nestaksten.

In Maarkedal wordt de monitoring van de nestkasten voor kerkuil uitgevoerd door de uilenwerkgroep binnen de Werkgroep Maarkebeekvallei. Ook de 45 nestkasten voor steenuil worden jaarlijks gemonitord door de leden van de uilenwerkgroep: Ludo Bauwens, Andy Vanbraband, Mario De Langhe en Johan Cosijn.

JCO_4889.JPG

De mooie tekening op de pennen van de vleugel is reeds goed te zien

Foto: Johan Cosijn 

                     

18:53 Gepost door Johan | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |